Iedereen heeft wel één of meerdere aankopen waarvan je achteraf denkt: die zou ik niet meer doen als ik opnieuw mocht beginnen. Dat kan een te duur huis zijn, een auto die veel meer kostte dan nodig was, een luxe vakantie of een kast vol kleding die je nauwelijks hebt gedragen.
Voor mij zijn dat zonder twijfel de kleding en schoenen die ik kocht vanaf het moment dat ik op mijn 19e uit huis ging. Eigenlijk liep dat door totdat ik op mijn 29e mijn eerste huis kocht.
In die periode vond ik kleding ontzettend belangrijk. Ik wilde graag met de laatste mode meegaan en er verzorgd uitzien. Daar is natuurlijk niets mis mee. Sterker nog, ik vind het nog steeds belangrijk om er netjes uit te zien. Alleen heb ik inmiddels geleerd dat dit helemaal niet duur hoeft te zijn en al helemaal niet betekent dat je iedere nieuwe trend moet volgen.
Het grootste probleem was niet eens dát ik kleding kocht, maar vooral hoeveel ik kocht.
Waarom gaf ik zoveel geld uit aan kleding?
Als ik eerlijk ben, was het niet omdat ik kleding tekortkwam.
Ik had iedere keer het gevoel dat ik iets nieuws nodig had. Er was altijd wel weer een nieuwe collectie, een aanbieding of een kledingstuk dat “iedereen” leek te hebben. Op sociale media zag je continu nieuwe outfits voorbij komen en in de winkel waar ik werkte veranderde de collectie bijna wekelijks.
Daar kwam nog bij dat ik een groot deel van die periode in een kledingwinkel werkte. Dankzij de personeelskorting voelde het alsof ik slim bezig was. Ik dacht regelmatig: “Normaal kost dit €60, maar ik betaal maar €40.” In mijn hoofd bespaarde ik dus €20.
Nu kijk ik daar heel anders naar. Ik bespaarde helemaal geen €20. Ik gaf €40 uit aan iets dat ik zonder die korting waarschijnlijk nooit had gekocht.
Dat is precies hoe veel aanbiedingen werken. Ze geven je het gevoel dat je geld bespaart, terwijl je in werkelijkheid juist meer uitgeeft. Uiteindelijk had ik een kast vol kleding, maar droeg ik steeds dezelfde favoriete kledingstukken.
Achteraf besef ik dat ik vooral kocht omdat het makkelijk was, omdat het leuk voelde en omdat ik bang was iets te missen als ik niets kocht.
De verborgen kosten van goedkope kleding
Ik koos vaak voor goedkope kleding. Dan kon ik voor hetzelfde bedrag meerdere kledingstukken meenemen.
Dat leek een slimme keuze, maar uiteindelijk was dat helemaal niet zo.
Veel van die kleding was na een paar keer wassen al minder mooi. Sommige broeken versleten snel, T-shirts verloren hun pasvorm en schoenen gingen soms nog geen jaar mee.
Daardoor kocht ik steeds opnieuw iets nieuws.
Als ik nu terugdenk aan al het geld dat daarin is gaan zitten, voelt dat eerlijk gezegd niet heel goed.
Niet alleen vanwege de kosten van de kleding en schoenen zelf, maar vooral omdat ik weet wat ik óók met dat geld had kunnen doen. Ik schat dat ik in die 10 jaar gemiddeld ongeveer €100 per maand aan kleding uitgaf. Dat klinkt misschien niet als veel, maar als student was dat een flink bedrag.
Als ik die €100 per maand gedurende 10 jaar had belegd tegen een gemiddeld rendement van 7% per jaar, dan had ik nu ongeveer €16.579 gehad. In plaats daarvan is het grootste deel van die kleding inmiddels versleten, weggegooid of ligt het ergens ongebruikt achter in een kast.
Daar komt nog bij hoeveel grondstoffen, energie en transport er nodig zijn geweest om al die kleding te produceren. Fast fashion is niet alleen duur voor je portemonnee, maar ook voor het milieu.
Tegenwoordig koop ik liever minder, maar wel betere kwaliteit. Dat kost misschien meer op het moment van aankoop, maar vaak doe ik er jaren langer mee. Uiteindelijk ben ik daardoor juist goedkoper uit.
Dat betekent niet dat alles duur hoeft te zijn. Er zijn genoeg betaalbare merken die goede kwaliteit leveren. Maar ik kijk nu veel minder naar de korting en veel meer naar de vraag: ga ik dit over 5 jaar waarschijnlijk nog steeds dragen?
Het moment waarop alles veranderde
6 jaar geleden kocht ik mijn eerste huis.
Mijn hypotheek was met iets minder dan €100.000 helemaal niet hoog. Toch ging er op dat moment een knop om. Ineens besefte ik dat ik dit bedrag daadwerkelijk moest terugbetalen, mét rente. Ook al was die rente met 2,1% en 1,85% relatief laag.
Vanaf dat moment keek ik heel anders naar geld.
Ik maakte voor het eerst een budget, hield bij waar mijn geld naartoe ging en begon boeken te lezen over besparen. Daarna ontdekte ik beleggen en begon ik steeds meer na te denken over hoe ik mijn geld voor mij kon laten werken.
Na de aankoop van mijn huis heb ik ruim 3 jaar lang geen kleding of schoenen gekocht. Dat was eigenlijk helemaal niet moeilijk, want ik had al veel meer dan genoeg. Bovendien had ik het geld hard nodig voor de verbouwing van mijn woning.
Wat doe ik nu anders?
Mijn kledingkast ziet er tegenwoordig heel anders uit.
Ik koop nog steeds kleding, maar veel minder vaak. Meestal vervang ik iets dat versleten is, in plaats van zomaar iets nieuws te kopen.
Voordat ik iets koop stel ik mezelf een paar simpele vragen.
- Heb ik het echt nodig?
- Heb ik al iets vergelijkbaars?
- Ga ik dit over een jaar nog steeds dragen?
- Zou ik dit ook kopen als het niet in de aanbieding was?
Als het antwoord op één van die vragen nee is, koop ik het meestal niet.
Daarnaast geef ik mezelf een kledingbudget. Daardoor maak ik bewustere keuzes. Koop ik een dure jas, dan betekent dat automatisch dat ik minder geld overhoud voor andere kleding. Dat klinkt misschien beperkend, maar ik ervaar het juist als prettig. Ik denk minder na over impulsaankopen en ben uiteindelijk veel blijer met de spullen die ik wél koop.
Het mooiste is misschien nog wel dat het geld dat ik niet uitgeef, nu voor mij aan het werk is. In plaats van een kledingkast vol impulsaankopen groeit mijn beleggingsrekening iedere maand een stukje verder.
Heb ik spijt?
Niet helemaal.
Natuurlijk had ik liever die €16.579 gehad. Maar zonder die periode had ik waarschijnlijk nooit geleerd hoe makkelijk kleine uitgaven ongemerkt kunnen oplopen. Ook had ik me waarschijnlijk nooit zo verdiept in besparen, budgetteren en beleggen. Die lessen hebben me uiteindelijk veel meer opgeleverd dan al die kleding ooit heeft gedaan.
Ik zie het daarom niet als weggegooid geld, maar als een dure les. Een les die ervoor heeft gezorgd dat ik tegenwoordig veel bewuster met mijn geld omga.
Wat kun jij hiervan leren?
Je hoeft jezelf echt niet alles te ontzeggen. Koop gerust kleding als je daar blij van wordt. Maar koop bewust. Kies voor kwaliteit in plaats van kwantiteit, laat je niet verleiden door aanbiedingen alleen omdat ze goedkoop lijken en geef jezelf een kledingbudget.
Voordat je iets koopt, stel jezelf eens deze vraag:
“Zou ik dit over 5 jaar waarschijnlijk nog steeds willen hebben, of had ik liever dat dit geld voor mij had gewerkt?”
Als je die vraag eerlijk beantwoordt, zul je merken dat je sommige aankopen misschien toch laat liggen. Niet omdat je ze niet kunt betalen, maar omdat je beseft dat iedere euro maar één keer uitgegeven kan worden.
Dat betekent niet dat je nooit meer iets leuks mag kopen. Het gaat erom dat je bewust kiest waar je je geld aan uitgeeft. Juist die kleine keuzes, maand na maand, maken op de lange termijn een enorm verschil.
Want uiteindelijk is niet iedere aanbieding een besparing. Soms is het gewoon een uitgave die je anders nooit had gedaan.
Ik ben benieuwd: welke aankoop zou jij vandaag niet meer doen als je opnieuw mocht beginnen?


Geef een reactie